Alles over energie en milieu in het dagelijks leven

Zuinig rijden

Als je zuinig rijdt, kan je wel 10 procent op je brandstofverbruik besparen. Niet alleen prettig voor je portemonnee, maar ook voor het milieu!

zuinige rijstijl 282x212.jpg

Hoeveel brandstof een auto verbruikt hangt af van het soort auto waarin je rijdt én van je rijstijl. Door zuinig te rijden verbruik je minder brandstof. Daarmee voorkom je veel uitstoot van CO2 en andere milieubelastende stoffen. Nieuwe auto's vragen om een andere rijstijl dan veel bestuurders op rijles hebben geleerd.

Tips zuinig rijden

  • 1

    Wil je weten wat voor type rijder je bent en of je geld kunt besparen door zuiniger te rijden? Doe de test op Test je rijstijl

  • 2

    Schakel zo vroeg mogelijk over naar een hogere versnelling tijdens het rijden, en rijd zoveel mogelijk met een gelijkmatige snelheid met een laag toerental in de hoogste versnelling, waarbij de motor soepel loopt.

  • 3

    Gebruik autoaccessoires die helpen brandstof te besparen, zoals een boordcomputer, brandstofverbruikmeter, toerenteller en cruise-control.

  • 4

    Vermijd hoge snelheden. Hoe hoger de gemiddelde snelheid, hoe hoger het brandstofverbruik.

  • 5

    Koud weer? De motor stationair laten draaien voor vertrek is zinloos als je de auto snel op wilt warmen. Bovendien is het erg slecht voor je motor en voor het milieu. 

Campagne Het Nieuwe Rijden

Door je rijstijl aan te passen aan de techniek van een moderne auto kun je tot tien procent brandstof besparen. Voor een gemiddelde rijder (zowel benzine als diesel) betekent dit een jaarlijkse besparing van ongeveer 180 euro; voor bestuurders die veel rijden kan dit oplopen tot 280 euro. Bovendien vermindert een zuinige rijstijl de onderhoudskosten, doordat auto-onderdelen minder slijten.

Ook het milieu gaat vooruit door Het Nieuwe Rijden, want door het lagere brandstofverbruik daalt de uitstoot van het broeikasgas CO2 en andere milieuvervuilende stoffen.

Minder uitgaven, meer milieu

Minder uitgaven dus, en meer milieu. Dat is het doel van Het Nieuwe Rijden, dat wordt uitgevoerd door het Instituut voor Duurzame Mobiliteit.

Aan de slag met Het Nieuwe Rijden

Wil je aan de slag met Het Nieuwe Rijden, onthoud dan onderstaande rij-adviezen. 

Tips voor Het Nieuwe Rijden

  • Rijd constant. Schakel zo vroeg mogelijk (bij 2.000 tot 2.500 toeren) naar een hogere versnelling, en rijd zo veel mogelijk met een gelijkmatige snelheid. Dus: 80 km/u in de 5e versnelling, 50 km/u in de 4e versnelling.
  • Kijk zo ver mogelijk vooruit en anticipeer op het overige verkeer. Zie je dat je snelheid moet minderen of stoppen voor een stoplicht, laat dan op tijd het gas los, ontkoppel niet en laat de auto in de versnelling van dat moment uitrollen.
  • Zet de motor af bij korte stops, zoals voor de spoorwegovergang of wanneer je in een lange rij staat voor het verkeerslicht.
  • Controleer de bandenspanning maandelijks. Doe dit als de banden nog 'koud' zijn (binnen 3 km na vertrek). De juiste bandenspanning zorgt voor minder brandstofverbruik, betere grip, een langere levensduur en een kortere remweg. Zie ook: Autobanden kiezen

Deze vuistregels gelden voor auto's met een brandstofinjectiesysteem, LPG en diesel, en voor auto's met een turbomotor. Voor oudere auto's en automaten gelden aanvullende tips - die staan hieronder.

Aanvullende tips voor automaten

Voor het rijden met een automaat gelden, in plaats van de 'schakel-tips' van het Nieuwe Rijden, de volgende tips:

  • Rij altijd in de ECO-, winter- of de normaalstand, dat zorgt voor een zo vroeg mogelijk opschakelen naar hogere versnellingen. Gebruik de sportstand zo weinig mogelijk.
  • Laat, als je op snelheid bent, het gaspedaal even iets 'opkomen'. De automaat schakelt dan direct naar een hogere versnelling.

Aanvullende tips voor oudere auto's

Bij auto's met een carburateur wordt de brandstof verneveld en met lucht vermengd voordat het mengsel in de cilinder wordt ingespoten. Voor deze auto's gelden twee uitzonderingen op de tips van Het Nieuwe Rijden:

  • Geef geleidelijk gas met het toenemen van de snelheid.
  • Uitrollen in z'n vrij (met ingetrapte koppeling) is zuiniger dan uitrollen in de versnelling omdat de brandstoftoevoer niet wordt afgesloten als u het gas loslaat, zoals bij moderne motoren.

Handbedienbare choke

Heb je een motor met een handbedienbare choke? Start dan zonder gas te geven en gebruik de choke zo min mogelijk. De choke kan uit zodra de motor stationair draaiend niet meer afslaat. Bij een warme motor kun je het gaspedaal iets indrukken tijdens het starten, maar hoeft je nooit te choken. Vijf minuten 'choken' met een koude motor vervuilt evenveel als 150 kilometer rijden met warme motor.

Brandstofbesparende hulpmiddelen

Het gebruik van hulpmiddelen kan je helpen een energiebewuste rijstijl te ontwikkelen:

  • De ecotoerentellergeeft met kleurenvlakken aan of je zuinig dan wel onzuinig rijdt, en wat het juiste moment van schakelen is.
  • Een cruise-control houdt de snelheid constant als je je voet van het gaspedaal haalt. Bij een constante snelheid ligt het benzineverbruik namelijk lager dan tijdens het versnellen (accellereren) van de auto. Zodra je remt of het koppelingspedaal aanraakt, schakelt de cruise-control zichzelf uit. Cruisecontrol maakt het rijden rustiger, comfortabeler en belast de motor minder.
  • Een boordcomputer geeft tijdens het rijden informatie over het actuele brandstofverbruik waardoor je jouw rijstijl kunt aanpassen en direct het positieve gevolg ziet. Je kunt er ook diverse ritgegevens op aflezen zoals afstand, tijdsduur, totale brandstofverbruik en aantal gereden kilometers per liter brandstof.
  • Plan je rit vooraf, met een routeplanner of wegenkaarten, of gebruik een navigatiesysteem in de auto. Zo voorkom je onnodig omrijden.

Hoge snelheden vermijden

Houd je aan de maximum snelheden. Rijden met een hoge snelheid zorgt voor meer brandstofverbruik en dus meer uitstoot van CO2 en andere milieubelastende stoffen. Hard rijden verhoogt ook de kans op ongevallen en vergroot geluidsoverlast. De tijdwinst door hard rijden is vaak marginaal.

Constante snelheid: laagste verbruik

Een constante rijsnelheid draagt bij aan een lager brandstofverbruik, aangezien remmen en optrekken een hoger verbruik en extra vervuiling veroorzaken.

Bij een constante snelheid van 70 tot 90 km per uur werkt autobrandstof het efficiëntst, en ontstaat dus de minste uitstoot van vervuilende stoffen. Deze snelheid geeft een gemiddeld verbruik van 5,4 liter brandstof per 100 km.

Rijd je 120 kilometer per uur dan loopt dat op naar 7,7 liter per 100 km, en bij 140 km per uur is het verbruik al 9,4 liter per 100 km. Een aardig verschil dus!

In de stad wordt veel geremd en opgetrokken, hier is het gemiddelde verbruik maar liefst 10 liter per 100 km.

Airco slim gebruiken

Een ingeschakelde airconditioning kan het brandstofverbruik verhogen met wel 30 procent. De uitstoot van koolstofmonoxide (CO), koolwaterstoffen en roetdeeltjes (fijnstof) kan door airco zelfs meer dan verdubbelen. Wil je brandstof besparen, schakel de airco dan alleen in als het echt nodig is.

Wil je de airco toch gebruiken, dan let dan op het volgende: 

  • Gebruik je de auto alleen voor stadsritten? Dan is een airco af te raden: tijdens stadsritten veroorzaakt een airco relatief veel extra brandstofverbruik.
  • Rijd bij hoge temperaturen in de zomer eerst een paar minuten met de ramen open, sluit daarna de ramen en schakel dan pas de airco in; het wordt dan sneller koel.
  • Zet de airco pas enkele minuten na het starten aan; dat bespaart brandstof en voorkomt onnodige slijtage van de installatie.
  • Schakel de airco een aantal minuten eerder uit dan de motor: dan kan er geen condens vormen en bacterie- en schimmelgroei ontstaan - en dat voorkomt geurtjes.
  • Gebruik de airco niet op vol vermogen: zet de temperatuurinstelling niet te laag en de ventilatorstand niet te hoog.
  • Gebruik de airco minstens één keer per maand; dit voorkomt lekkage van het koelmiddel.
  • Voorkom verstopping: houd de luchtinlaten vrij van blad en ander vuil.
  • Zorg voor jaarlijks onderhoud door een bedrijf dat werkt met gediplomeerd personeel om de installatie in goede conditie te houden. Airco's werken op koelmiddel, waarvan jaarlijks zo'n tien procent weglekt en dat is slecht voor het milieu. Goed onderhoud bij een bedrijf met personeel dat minimaal het diploma Terugwinnen Koudemiddelen bezit, voorkomt onnodige lekkage en kosten.

In de kou: niet draaien, maar krabben

Nog altijd zijn er mensen die bij koud weer voor vertrek hun motor stationair laten draaien in de ijdele hoop dat dit de auto snel opwarmt en ijs van de ruiten doet verdwijnen. Dit is zinloos, want de auto warmt niet op van een stationair draaiende motor. Pas als je gaat rijden warmt de motor de auto snel op. Behalve zinloos is stationair draaien ook erg slecht voor de motor van je auto en voor het milieu. De motor laten draaien terwijl de olie nog niet opgewarmd is zorgt voor ernstige slijtage (en de olie warmt nu juist pas op zodra je gaat rijden). Bij benzineauto’s komt de katalysator niet snel genoeg op temperatuur tijdens het warmdraaien in de kou en werkt daardoor niet of nauwelijks. Dit zorgt voor veel extra luchtverontreiniging: bij temperaturen onder nul is de uitstoot van schadelijke stoffen vier tot acht keer groter dan met een warme motor. En dat op straat, in woonwijken, waar veel mensen lopen, fietsen en ademen.

Bij aanhoudend koud weer is een beschermende ijsdeken of folie op de voorruit de eenvoudigste (en milieuvriendelijkste) manier om krabben te voorkomen.

Meer informatie

  • Op www.hetnieuwerijden.nl vind je allerlei rijstijltips.
  • De ANWB biedt cursussen aan om het nieuwe rijden aan te leren. Kijk op www.anwb.nl voor meer informatie.
  • Ga je een nieuwe auto kopen en wil je rekening houden met het milieu? Kijk dan op Zuinige auto kopen.
  • De milieubelasting van je autokilometers gaat nog verder omlaag als je een auto deelt. Lees meer op Auto delen.
Terug naar boven