Van alle vormen van luchtvervuiling is fijnstof het meest schadelijk voor de gezondheid. Fijnstof is een verzamelnaam voor hele kleine deeltjes die in de lucht zweven. De deeltjes kun je met het blote oog niet zien: ze zijn maar een paar micrometer groot (1 micrometer is duizend keer kleiner dan een millimeter). Deeltjes die kleiner zijn dan 10 micrometer worden PM10 genoemd, deeltjes die kleiner zijn dan 2,5 micrometer heten PM2,5 en nog kleinere deeltjes noemen we ultrafijnstof. Hoe kleiner de deeltjes, hoe schadelijker ze zijn. Ze kunnen dan namelijk dieper in de longen doordringen.
Niet alle soorten fijnstof zijn even schadelijk. Er zit van nature al fijnstof in de lucht, bijvoorbeeld opwaaiend stof en zeezout. Het grootste deel komt echter door de mens in de lucht terecht en dat fijnstof is vaak schadelijker. Vooral fijnstof dat vrijkomt bij verbranding geeft problemen. Dat bestaat bijvoorbeeld uit roet (elementair koolstof) en andere koolstofdeeltjes, waar kankerverwekkende PAK’s aan kunnen binden. Het verkeer en huishoudens (bijvoorbeeld door hout te stoken of vuurwerk af te steken) dragen het meeste bij aan de uitstoot van fijnstof.
Sommige fijnstofdeeltjes worden niet rechtstreeks uitgestoten, maar vormen zich in de lucht doordat gassen met elkaar reageren. We noemen dat secundair fijnstof.
Stikstofoxiden (NO en NO2) ontstaan bij verbrandingsreacties. Door de hoge temperaturen in bijvoorbeeld automotoren of industriële ovens reageren stikstof en zuurstof uit de lucht met elkaar. Het verkeer is de belangrijkste bron van stikstofoxiden.
Vroeger gebruikten we stikstofoxiden voornamelijk om aan te tonen dat er ándere verontreinigende stoffen in de lucht hingen. Ondertussen weten we dat stikstofdioxide (NO2) zelf ook schadelijk is voor de gezondheid als je het inademt. Bovendien is te veel stikstof in deze vorm niet goed voor de natuur. Lees meer over stikstof (NOx).
Ozon komt niet uit de uitlaat van auto’s of uit schoorstenen, maar ontstaat uit andere stoffen en gassen in de lucht als de zon schijnt. Dat is prettig voor de ozonlaag hoog in de atmosfeer: daar houdt ozon uv-straling tegen. Maar dicht bij de aarde, waar wij leven, is te veel ozon ongezond voor mensen, planten en dieren.
Op dagen dat er weinig wind en veel zon is, kan de hoeveelheid ozon in de lucht in de middag flink oplopen. Als de hoeveelheid té hoog wordt geeft de overheid een alarm af. Lees meer over zomersmog.
Behalve fijnstof, stikstofoxiden en ozon zitten er ook nog andere ongezonde stoffen in de lucht, zoals vluchtige organische stoffen (VOS), koolmonoxide en zwaveldioxide (SO2), maar die zijn een minder groot probleem voor de gezondheid. Daarom lees je op deze pagina alleen over fijnstof, stikstofoxiden en ozon.