Bomen en struiken

Bomen en struiken geven variatie in de beplanting en hoogteverschil. Dit betekent voor dieren in de tuin een enorme vergroting van het leefgebied. Veel diersoorten vinden voedsel, beschutting en nestelgelegenheid tussen takken en bladeren.

In een tuin met een natuurlijk evenwicht krijgen plagen (van insecten of planten) veel minder kans. U creëert zo'n natuurlijk evenwicht onder meer door de tuin zo in te richten dat die aantrekkelijk is voor dieren. Inheemse plantensoorten zoals eik en hulst trekken meer leven aan dan soorten die van nature niet in Nederland voorkomen. Extra aantrekkelijk voor dieren zijn bomen en struiken met een dichte takkenstructuur, een ruwe schors, bloemen en eetbare vruchten.

Tips bomen en struiken

  • Milieu Centraal heeft op een rij gezet welke bomen en struiken geschikt zijn voor de kleine tuin, en welke voor de grote.
  • Veel boomsoorten zijn te koop in tuincentra, maar raadpleeg ook een gespecialiseerd bomencentrum.
  • Heesters zijn erg geschikt als natuurlijke erf- of tuinscheiding.
  •  Bomen voor grotere tuinen

    • Eik (Quercus robur*) Wordt heel groot, maar doet daar ook heel lang over. In de tussentijd kan deze boom gerust het meest natuurrijk van allemaal worden genoemd. Quercus robur 'Fastigiatia' of 'Koster' zijn smal opgaande variëteiten van de eik, die ook in minder grote tuinen kunnen worden geplant.
    • Berk (Betula pendula*). De berk is de favoriet van vele insecten. Vogels eten de massaal geproduceerde zaden. Wie een berk aanplant heeft zelfs kans op 'rood-met-witte-stippen-paddenstoelen in de eigen tuin! Betula 'Youngii', de prieelberk, is een hele mooie treurvorm, die ook in een kleinere tuin kan worden aangeplant.
    • Beuk in grote tuin.Beuk (Fagus sylvatica*). Iedereen kent de beukennootjes. De vogels ook! Beuken houden van humusrijke grond en hebben niet graag natte voeten. Deze soort is alleen geschikt voor echt grote tuinen, maar stelen daar wel de show, of het nu de groene of de roodbladige variëteit is. Minder groot wordt Fagus 'Dawyck'. Dit is een rechtopgaande vorm, die zowel met gele als met rode blaadjes verkrijgbaar is. De beuk is ook prima geschikt voor een stijlvolle haag.
    • Els (Alnus glutinosa*, Alnus incana*, Alnus cordata). Veel vogels eten graag van de zaden, die de hele winter lang aan de boom hangen. De Goudels (Alnus incana 'Aurea') is ook geschikt voor kleinere tuinen.
    • Linde (Tilia europaea). Wie kent niet de leilinde? Dat is een gesnoeide vorm van deze boom. De bloesem van de linde ruikt heerlijk en is een paradijs voor insecten. Sommige vogels komen er graag een luisje eten, terwijl andere het bij de zaden houden.

    *: Soorten die van oorsprong in Nederland voorkomen.

    Grote heesters

    • Sleedoorn (Prunus spinosa*). Belangrijk als gastheer voor een hele reeks insecten. Vogels en vleermuizen profiteren daar weer van. De vruchten, kleine blauwe pruimpjes, zijn geschikt voor het maken van jam.
    • Vuurdoorn (Pyracantha). Dit is dé nestlocatie binnen het tuingebeuren. Dankzij de stekels ondoordringbaar voor katten, en dus veilig voor vogels. Als bonus de vuurrode besjes.
    • Kardinaalsmuts (Euonymus europaeus*). Grappige vruchtjes, mooie groene takken met kurklijsten, en veel insecten. Veel verkocht wordt de cultivar 'Red Cascade'. Euonymus alatus 'Compactus' is geschikt voor hele kleine tuinen.
    • Vlier (Sambucus). Vlierbessen zijn extreem populair bij vogels, maar mensen lusten ze ook. Wie de wilde vlier te wild of te groot vindt, kan kiezen voor bescheidener vormen met gele (Sambucus racemosa 'Plumosa aurea'), rode (Sambucus nigra 'Black Beauty') of ingesneden bladeren (Sambucus nigra 'Laciniata')
    • Gele kornoelje (Cornus mas*). Kan zowel als heester, als klein boompje op stam. Hoe dan ook , sierlijk, natuurvriendelijk, gele bloempjes in het vroege voorjaar en mooie rode vruchtjes in de zomer.

    *: Soorten die van oorsprong in Nederland voorkomen.

  •  Bomen voor kleinere tuinen

    • Lijsterbes (Sorbus aucuparia*). De naam zegt al genoeg. De lijsterbes is een kleinblijvende boom die in iedere tuin kan.
    • Vogelkers (Prunus padus). Ook de vogelkers doet zijn naam eer aan. De kersjes zijn zeer gewild bij de vogels. Een donkerbladige variëteit is 'Colorata'.
    • Appel (Malus, er zijn vele soorten). Of het nu een fruitappel of een sierappel wordt, insecten en vogels zullen dankbaar zijn. Sierappels die gezond zijn, en niet of nauwelijks gesnoeid hoeven, zijn: 'Liset', met rode bloesem en vruchten, 'Evereste, kleinblijvend met witte bloesem, en 'Golden Hornet', de gele appeltjes blijven 's winters aan de boom.
    • Yoshino sierkers (Prunus yedoensis). Dit is een sierkers met bescheiden afmetingen, en belangrijker nog, de zachtrose bloesem is aantrekkelijk voor bijen en andere insecten. Ook vruchtjes zijn bij deze soort mogelijk, in tegenstelling met veel andere sierkersen.
    • Kronkelwilg (Salix matsudana 'Tortuosa'). Wilgen zijn populair bij tal van levensvormen. Deze kronkelwilg is ook nog eens heel sierlijk Een knotwilg in de tuin is ook mogelijk: kies dan bijvoorbeeld voor Salix alba 'Chermesina', met gele takken.

    *: Soorten die van oorsprong in Nederland voorkomen.

    Kleine heesters

    • Kronkelhazelaar (Corylus avellana 'Contorta'). Is niet zo heel klein, maar wel een stuk kleiner dan zijn neefje de wilde hazelaar, en bovendien erg sierlijk!
    • Cotoneaster of Dwergmispel. Cotoneaster suecicus 'Coral Beauty' is een laag kruipende struikje waar veel besjes aankomen, en die 's winters lang groen blijft. Cotoneaster horizontalis heeft een bijzondere veervormige vertakking. Hogere, mooie sierstruiken zijn Cotoneaster conspicuus en Cotoneaster dielsianus.
    • Dwergkwee (Chaenomeles). Lage struiken met prachtige bloemen (meestal rood, maar ook wit en rose verkrijgbaar), en grote peerachtige vruchten.
    • Vlinderstruik. Vlinderstruik (Buddleia davidii). De bekende vlinderstruik. Niet moeilijk om te raden waar die naam voor staat.
    • Mahoniestruik (Berberis mahonia, voorheen Mahonia aquifolium). Gele bloesem, blauwe besjes. De stekelige bladeren maken een goede schuilplaats voor dieren. Van deze struik bestaan ook grotere soorten die vooral voor de sierwaarde in de winter worden toegepast, zoals Mahonia bealei 'Hivernant' en Mahonia media 'Charity'.

    *: Soorten die van oorsprong in Nederland voorkomen.

  •  Haag of schutting

    Klimheesters voor muren, roosters en pergola's

    • Klimop (Hedera helix of Hedera colchica). De klimop maakt gevels groen, of kan de bodem bedekt houden. In beide gevallen geeft hij beestjes veel gelegenheid zich te verstoppen. In bomen klimmend kan de behaarde stam polsdik worden. Kruipende klimop bloeit niet, maar klimmende wel. Deze klimmer bloeit erg laat, in is daarmee het laatste toevluchtsoord voor insecten in de herfst.
    • Klimroos (Rosa). Wie ooit een klimroos heeft gesnoeid weet dat daarbij de nodige voorzichtigheid noodzakelijk is. De stekelige stengels van de klimroos geven daarmee ook goede schuilplekken voor de vogels, die ook nog wel eens een luisje meepikken.
    • Kamperfoelie.Kamperfoelie (Lonicera periclymenum, Lonicera japonica). De geurige bloemen trekken insecten aan. De besjes zijn populair bij vogels. Houdt niet van volle zon.
    • Klimhortensia (Hydrangea petiolaris). Een erg mooie klimstruik. Perfect voor het bedekken van een muur. Biedt veel dekking en broedgelegenheid voor de vogels.
    • Bosrank (Clematis vitalba*). Deze inheemse soort is een snelle groeier met witte bloemen en mooi vruchtpluis. Creëert veel schuilgelegenheid voor de beestjes. Wie weinig ruimte heeft, kan het proberen met andere variëteiten zoals Clematis montana met roze bloemen in het voorjaar, of Clematis tangutica, met gele klokjes in de zomer.

    *: Soorten die van oorsprong in Nederland voorkomen.

    De klimheesters kunt u ook toepassen als afscheiding met de buren. Plaats daarvoor trellis, panelen van gaas of betonvlechtwerk en laat de planten hier tegen groeien. Met klimop zit u binnen twee jaar vrij; de andere klimmers zijn bladverliezend. Die kunt u bijvoorbeeld iets verder van het raam neerzetten zodat u toch geen inkijk heeft van de buren. 

    Haagheesters

    • Wilde liguster (Ligustrum vulgare*). Van belang voor de bloemen en de bessen, en zeer geschikt om een haag van te maken. De Japanse haagliguster (Ligustrum ovalifolium) kan ook gebruikt worden.
    • Haagbeuk (Carpinus betulus*). Geeft een mooie, hoge haag die er zowel 's zomers als 's winters goed uitziet.
    • Spaanse aak (Acer campestre*). Deze inheemse struik of kleine boom wordt veelvuldig toegepast voor lagere hagen. Is ook geschikt voor blokhagen. De dichte takkenmassa biedt veel dieren een schuilplaats.
    • Meidoorn (Crataegus monogyna). Vroeger normaal als haag overal in het boerenland, zowel de lage gesnoeide vorm, als vrijgroeiend. De meidoorn levert schuil- en overwinteringsgelegenheid voor insecten en andere dieren.
    • Coniferen De leylandii-conifeer is de bekende snelgroeiende soort voor hagen, maar Thuja's geven een mooiere haag met minder onderhoud. Taxushagen zijn donker, en hebben een luxe uitstraling.

    *: Soorten die van oorsprong in Nederland voorkomen.

    Denk ook eens aan een haag waarin u verschillende haagheesters combineert, al dan niet met andere (bloeiende) heesters zoals de vuurdoorn. Meer over hagen en schuttingen kunt u lezen bij: Schuttingen.

  •  Verkrijgbaarheid

    Sommige boom- en struiksoorten kunt u in tuincentra kopen. Zo kunt u bijvoorbeeld voor veel struiken, coniferen en voor populaire boomsoorten als de appel terecht in de meeste grotere tuincentra. Maar voor de andere soorten zult u waarschijnlijk moeten uitwijken naar een gespecialiseerd bomencentrum. Meestal kunt u de gewenste boom tevoren online bestellen en in het voorjaar komen ophalen. Zo weet u zeker dat de boom die u graag in uw tuin wilt planten, ook daadwerkelijk geleverd kan worden.
 Naar boven
/Domeinen/Algemeen/Images/Onderwerp/Bomen_en_struiken.jpg
Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor de
nieuwsbrief

Betrouwbare informatie

Milieu Centraal biedt betrouwbare informatie. Maar hoe komt de organisatie daar aan? Kijk op Werkwijze Milieu Centraal.