ImgTitle_bg

Vloer- en bodemisolatie

Foto van Vloer- en bodemisolatie

Subsidie voor isolatie!

Energiebesparing is belangrijk en daarom geeft de overheid woningeigenaren subsidie op het isoleren van de woning. Er zijn drie subsidieregelingen, die zijn ingegaan per 1 juli 2009. Kijk voor meer informatie én de voorwaarden op Subsidie woningisolatie.

Op de hoogte blijven?

Meld u aan voor de nieuwsbrief

Nieuwsbrief
Nieuwsbrief

Waardering van deze pagina

( 9 stemmen)





even wachten aub...

Breng hier uw stem uit

Het isoleren van de vloer of kruipruimte is een effectieve manier van energiebesparing, en meestal niet ingrijpend. Welk soort isolatiemateriaal u ook kiest, de energiebesparing en de milieuwinst zijn altijd groot.

Als de vloer op de begane grond niet is geïsoleerd, kunt u jaarlijks 190 m3 gas besparen op stookkosten door isolatiemateriaal aan te brengen. Dat komt neer op 103 euro (prijspeil 2010). Deze besparing vermindert de uitstoot van CO2 met 338 kilogram per jaar. Daarnaast levert vloerisolatie ook meer comfort op in huis, wegens een gelijkmatiger temperatuur en minder vocht.

Of een vloer op de begane grond goed is te isoleren, hangt af van de vraag of er kruipruimte aanwezig is, en hoe hoog die is. De kosten van vloerisolatie verdient u terug in vier tot elf jaar (afhankelijk van zelf uitvoeren of uitbesteden).

Tips isolatie vloer en bodem

  • Heeft u een kruipruimte van 35 centimeter of hoger? Isoleer dan bij voorkeur de onderkant van de vloer, of isoleer de bodem. Heeft u geen (of zeer ondiepe) kruipruimte, dan zijn er alternatieven.
  • Laat bij het isoleren van de kruipruimte de ventilatiegaten in de (buiten)muur open.
  • Wilt u de onderkant van de vloer isoleren? Gebruik dan glas- of steenwol zonder dampremmende laag, of materiaal dat geen vocht kan opnemen. Anders slaat het vocht dat bewoners van de woning produceren, neer tegen de dampremmende laag; dat kan de vloer vochtig maken.
  • Vraag bij de leverancier van isolatiematerialen gratis en vrijblijvend advies over het gebruik van isolatiemateriaal. Dat voorkomt teleurstellingen.
  • Kijk eens bij Isoleren: u vindt daar een overzicht van isolatiemogelijkheden in huis.

Advies op maat

Het hangt van uw persoonlijke situatie af of het verstandig is om de vloer of bodem van uw huis te isoleren, en welke isolatie het beste resultaat oplevert. Benieuwd wat voor u een goede keuze is? Vraag Advies op Maat!

 

Advies op Maat Vloer- en bodemisolatie

Webvideo vloerisolatie

Video vloerisolatie

Vloer- en bodemisolatie en het milieu

Verminderen van energieverbruik is goed voor het milieu. Dat kan door uw huis goed te isoleren. Hierdoor gaat minder warmte verloren, hoeft de verwarmingsketel minder vaak te branden en daalt het verbruik van de fossiele brandstof gas.

Voor het isoleren van uw vloer heeft u de keus uit een groot aantal materialen. Voor al deze materialen geldt dat de milieuverschillen tussen deze materialen klein zijn ten opzichte van de energiebesparing die met het isoleren wordt bereikt. Dus welk materiaal u ook kiest, het levert altijd energiebesparing en dus milieuwinst op.

Bij de milieuvergelijking van de materialen spelen een aantal punten mee: de hoeveelheid materiaal die nodig is, de gebruikte grondstoffen, het vrijkomen van schadelijke stoffen tijdens de productie, de milieubelasting van het vervoer en het materiaal dat in de afvalfase komt.

Uw mogelijkheden voor vloer- en bodem isolatie

Klik om grotere afbeelding te openen.

U kunt bij vloer- en bodemisolatie kiezen uit een groot aantal isolatiematerialen, zoals thermoskussens, glaswol, steenwol, EPS (piepschuim), schelpen en kleikorrels. Algemeen geldt dat de isolatiewaarde (de R-waarde) niet alleen afhangt van het soort materiaal, maar ook van de dikte. De R-waarde staat vermeld op de verpakking. Het is voor de isolatiewaarde van belang dat u het materiaal zorgvuldig (zonder kieren) aanbrengt.

Van belang is de keuze tussen bodemisolatie en isolatie van de onderkant van de vloer. Wat u het best kunt doen hangt erg af van uw situatie, vooral de vraag of u een (lage) kruipruimte heeft.

Geen kruipruimte aanwezig

Als u geen kruipruimte onder de vloer heeft, is het isoleren lastig. Er zijn dan twee mogelijkheden. Allereerst kunt u op de vloer een isolatielaag aanbrengen. Dat verhoogt de vloer met 5 tot 8 centimeter. U verliest daardoor hoogte in uw kamer en u moet uw deuren inkorten. Geschikt materiaal hiervoor zijn isolatieplaten. Deze moeten wel afgestemd zijn op het type vloer, eventuele vloerverwarming en dergelijke. Een gespecialiseerd bedrijf kan u van goed advies voorzien.

Een andere optie is de oude vloer verwijderen en een nieuwe vloer opbouwen - met isolatie aan de onderkant. Dit is een ingrijpende en kostbare ingreep.

Lage kruipruimte (30 - 35 cm)

Als de kruipruimte van uw woning laag is, niet meer dan 30 tot 35 centimeter onder de balken, dan is het vrijwel onmogelijk om daar in te komen. Lopen er geen leidingen die bereikbaar moeten blijven, dan kunt u mogelijk isolatiemateriaal in de kruipruimte laten spuiten. Vraag tevoren wel advies bij een gespecialiseerd bedrijf.

Kruipruimte hoger dan 35 cm

Een kruipruimte van meer dan 35 centimeter is hoog genoeg om er in te komen. In dat geval heeft u drie opties:

  • het isoleren van de onderkant van de vloer;
  • het isoleren van de bodem van de kruipruimte;
  • het isoleren van de bodem van de kruipruimte én het opgaande werk.

Het isoleren van zowel bodem als vloer is omslachtig. U kunt dan beter een van beide isoleren met dikker materiaal. Het isoleren van de onderkant van de vloer bespaart meer energie. Het zorgt ook voor meer comfort dan het isoleren van de bodem, aangezien de vloer dan minder koud aanvoelt. Als u de vloer isoleert, breng dan eerst een dampremmende folie aan op de bodem van de kruipruimte.

Isoleert u alleen de bodem, dan heeft u een veel dikkere isolatielaag nodig dan wanneer u ook het zogeheten opgaand werk isoleert (de fundering vanaf de bodem van de kruipruimte tot de vloer).

Isolatiematerialen onderkant vloer

Onderstaande materialen zijn geschikt om de onderkant van de vloer mee te isoleren. Per materiaalsoort komen de milieu-aspecten aan bod. In de tabel staat praktische informatie verzameld.

Materiaal Zelf doen mogelijk? Makkelijk aan te brengen? Waar verkrijgbaar?
Thermos-
kussens
Ja Ja Bestellen bij producent of professionele bouwmarkt
Glas- en steenwol Ja Redelijk Doe-het-zelf-zaken
EPS (piepschuim) Ja Redelijk Doe-het-zelf-zaken
XPS en PUR Ja Redelijk Professionele bouwmarkt
Kurk Ja Redelijk Bestellen bij speciaalzaak

Thermoskussens

Thermoskussens bestaan uit dunne laagjes kunststoffolie met een laagje aluminiumfolie. Ze vergen relatief weinig materiaal, en dus minder uitputting van grondstoffen. Wegens het lage gewicht is er ook relatief weinig brandstof nodig voor transport.

Glaswol en steenwol

Glaswol wordt gemaakt van voornamelijk glasscherven. Steenwol wordt gemaakt van gesteente en gerecycled steenwol, een afvalproduct.

EPS

EPS (geëxpandeerd polystyreenschuim) is beter bekend als piepschuim. Het is een kunststof, gemaakt van een zeer geringe hoeveelheid (maar niet-hernieuwbare) aardolie. Aan EPS zijn vaak brandvertragers toegevoegd om de materialen brandveiliger te maken, dat is dan aangeduid met EPS-SE. De meeste brandvertragers zijn slecht afbreekbaar in het milieu. EPS van SE-kwaliteit bevat een brandvertrager die bij verbranding geen schadelijke gassen vormt.

XPS en PUR

Platen van XPS (geëxtrudeerd polystyreen) en PUR (polyurethaan) zijn gemaakt van aardolie, een niet-vernieuwbare grondstof. PUR bevat ook isocyanaten die huidirritatie kunnen veroorzaken. De productie van PUR kost ongeveer drie keer zoveel energie als van EPS, maar PUR-platen hebben wel een hogere isolatiewaarde. Aan XPS zijn vaak brandvertragers toegevoegd om de materialen brandveiliger te maken. De meeste brandvertragers zijn slecht afbreekbaar in het milieu. XPS bevat een brandvertrager die bij verbranding geen schadelijke gassen vormt.

De lucht tussen het materiaal geeft de kunststoffen de isolerende werking. Bij EPS, XPS en PUR wordt de lucht tussen het materiaal geblazen met zogenaamde blaasmiddelen. Vroeger werd (H)CFK en CFK als blaasmiddel gebruikt, maar dat is intussen verboden. Nu worden minder schadelijke blaasmiddelen gebruikt, zoals CO2, pentaan en HFC.

Kurk

Kurk is een natuurlijke, vernieuwbare grondstof. Bij de productie komen doorgaans geen schadelijke stoffen vrij eenmaal afgedankt is kurkafval goed afbreekbaar. Kurk wordt gemaakt van de boomschors van de kurkeik.

Isolatiematerialen bodem

Voor het isoleren van de bodem kunt u kiezen uit zakken met bolletjes of stukjes EPS (piepschuim), of losse chips van piepschuif, schelpen, kleikorrels en schuimbeton.

Materiaal Zelf doen mogelijk? Waar verkrijgbaar?
Zakken met EPS Nee Gespecialiseerd bedrijf
Chips van EPS Nee Gespecialiseerd bedrijf
Schelpen Nee Gespecialiseerd bedrijf
Schuimbeton Nee Gespecialiseerd bedrijf

Zakken met EPS of losse chips

In plastic zakken (PE) zitten bolletjes of stukjes EPS (piepschuim). EPS is gemaakt van aardolie, een niet-vernieuwbare grondstof. Aan EPS zijn vaak brandvertragers toegevoegd om de materialen brandveiliger te maken, dan staat er EPS-SE op. De meeste brandvertragers zijn slecht afbreekbaar in het milieu. EPS van SE-kwaliteit bevat een brandvertrager die bij verbranding geen schadelijke gassen vormt. Chips van EPS worden los in de kruipruimte geblazen.

Schelpen

Om een isolatiewaarde (R-waarde) van 3 te behalen is een droge schelpenlaag nodig van minstens 37 centimeter. Als er water in de kruipruimte staat moet u de dikte van 37 cm verhogen met het aantal centimeters water. De ventilatie van de kruipruimte kan dankzij de schelpen tot een minimum worden beperkt.

Voor isolatie met schelpen is een grote hoeveelheid nodig. Het transport van dit materiaal kost in verhouding veel energie. Schelpen bestaan uit kalk en zijn afkomstig van de zeebodem. Het zee-ecosysteem kan worden aangetast als er teveel schelpen worden opgezogen. Schelpen veroorzaken geen afvalprobleem; na de sloop van het huis kunnen ze gewoon blijven liggen, omdat ze in de bodem worden afgebroken.

Kleikorrels

Geëxpandeerde kleikorrels bestaan uit gebakken kleikorrels die veel lucht bevatten en daardoor warmte-isolerend zijn. De winning van klei tast plaatselijk het landschap aan.

Schuimbeton

Schuimbeton is een 'luchtig' soort beton. Het isoleert tien keer beter dan grindbeton. Het bevat cement en zand. De winning hiervan tast plaatselijk het landschap aan.

Als u de bodem van de kruipruimte na het isoleren wilt kunnen blijven belopen, is schuimbeton de beste keus. Als leidingen, afvoerpijpen of kabels in de kruipruimte bereikbaar moeten blijven, zijn zakken met EPS of schuimbeton het handigst, mits de betonlaag onder de leidingen blijft. De zakken met EPSpiepschuim zijn na het aanbrengen nog te verplaatsen om bij de leidingen te komen. Met schelpen, kleikorrels en losse chips van EPS is dat lastig.

Kosten, subsidie en besparing

De kosten van vloer- en bodemisolatie gaan zitten in materiaalkosten en arbeidsloon. Bent u een doe-'t-zelver? Dan zijn de kosten niet hoog.

Subsidie op woningisolatie

Huiseigenaren kunnen gebruik maken van de subsidieregeling woningisolatie. Deze maakt het financieel aantrekkelijker om de woning te isoleren, bijvoorbeeld door dubbel glas te (laten) zetten.

Terugverdientijd & stookgedrag

Bij een vloeroppervlak van 50 m2 begane grond, kan vloerisolatie jaarlijks gemiddeld 190 m3 gas besparen. Dat bespaart 103 euro op de stookkosten (prijspeil 2010). De kosten van vloerisolatie verdient u na 4 jaar terug als u de isolatie zelf aanbrengt, of na 11 jaar als u het laat doen.

Bodemisolatie bespaart gemiddeld 140 m3 gas (ofwel 75 euro per jaar). De kosten hiervan verdient u terug in 12 jaar, als u de aanleg uitbesteedt.

Hoeveel u precies bespaart, hangt af van het soort en de dikte van het isolatiemateriaal. Ook het juist aanbrengen is van belang. Hoe vaak u thuis bent, en uw stookgedrag in huis hebben tevens invloed op de besparing. Als u bijna nooit thuis bent, en een lage binnentemperatuur aanhoudt, dan valt de besparing lager uit, dan wanneer u veel aanwezig bent en warmer stookt. Milieu Centraal gaat bij berekeningen uit van gemiddelde aanwezigheid en gemiddelde stooktemperatuur.

Aandachtspunten

Sta even stil bij onderstaande aandachtspunten als u bodem- of vloerisolatie overweegt. Dat kan veel ongemak en teleurstelling voorkomen.

Ventilatie

Let op voldoende ventilatie in de kruipruimte: het isolatiemateriaal mag dit niet blokkeren. Ventilatie is nodig om de vloer 'gezond' te houden. Heeft u een steenachtige vloer zonder gasleiding of met een gasleiding met mantelbuis, dan moeten er ventilatieopeningen zitten in twee tegenover elkaar liggende buitengevels, van tenminste 100 mm2 per vierkante meter vloeroppervlak. Bij een houten vloer of bij een steenachtige vloer met een gasleiding zonder mantelbuis, moeten de ventilatieopeningen ten minste 400 mm2 per vierkante meter vloeroppervlak zijn.

Vocht- en tochtproblemen voorkomen

Bij isolatie van de onderkant van de vloer is het altijd verstandig om de bodem van de kruipruimte af te dekken met een dampremmende folie. Minder vocht in de kruipruimte verlengt de levensduur van een houten vloer, en leidt tot minder vocht in de woonruimte. Het afdekken kan met een stevige folie van PE (polyetheen) of van PVC (polyvinylchloride). Uit oogpunt van milieu heeft een folie van PE de voorkeur. PVC bevat vaak weekmakers en stabilisatoren die in de afvalfase schadelijk kunnen zijn voor het milieu. Staat er water in de kruipruimte, zet dan de folie hoog tegen de muur vast en gebruik aan de onderzijde materiaal met drijfvermogen (zoals folie met luchtkamertjes). Dan kan de folie meebewegen met het waterniveau. Er bestaat voor de natte kruipruimte luchtkussenfolie met luchtkamertjes, die kan drijven op het water.

Gebruik bij het isoleren van de onderkant van de vloer glas- of steenwol zonder dampremmende laag, of isolatiemateriaal dat geen vocht kan opnemen, zoals platen van kurk, EPS, XPS, of PUR, of thermokussens. Het vocht dat bewoners in de woning produceren, slaat anders neer tegen de dampremmende laag en kan de vloer vochtig maken.

Gaten (doorvoeren) voor leidingen die lopen van de kruipruimte naar de woonverdieping, moeten worden afgedicht. Bijvoorbeeld met glas- of steenwol. Anders ontstaat tocht over de vloer en zal er warmte 'lekken' naar de kruipruimte.

Isoleer ook eventuele cv-leidingen in de kruipruimte. Maar isoleer warmwaterleidingen niet! Anders ontstaat er risico op Legionella. Circulatieleidingen voor warm water moeten juist wel worden geïsoleerd, omdat warm water daarin continu wordt rondgepompt.

Extra tip: isoleren bodem kruipruimte

  • Isoleer ook het 'opgaand werk' van de kruipruimte (de fundering). Dat verhoogt de totale isolatiewaarde. Laat daarbij wel de ventilatie in tact.

Extra tips: isoleren onderkant vloer

  • De vezels van glas- en steenwol kunnen irritatie veroorzaken. Draag daarom bij voorkeur handschoenen en lange mouwen en gebruik zo nodig een stofkapje (type P2).
  • Ook het kruipluik moet worden geïsoleerd ter voorkoming van lekken van warmte.
  • Isolatiemateriaal dat niet is vastgelijmd, maar gespijkerd of geniet, kan bij de sloop gemakkelijk worden losgemaakt en eventueel worden hergebruikt.
  • Een houten vloer kan van onderaf worden geïsoleerd door de ruimte tussen de balken op te vullen met isolatiemateriaal. Het is niet nodig de balken mee te isoleren; deze hebben van zichzelf een isolerende waarde.
  • Bij een houten vloer wordt het isolatiemateriaal direct tegen de planken aangebracht of met een ruimte van 2 cm tussen de planken en het isolatiemateriaal. Dit laatste verhoogt de isolatiewaarde omdat de stilstaande lucht in de luchtkamers ook isoleert. Zorg er dan wel voor dat het isolatiemateriaal heel goed aansluit tegen de draagbalken, zodat er geen lekken zijn (waarlangs convectiestromen kunnen ontstaan). Snijdt het materiaal iets te breed af en prop het tussen de balken. Bij gebruik van plaatmaterialen kunnen klemlatjes of draden worden gebruikt om het materiaal op zijn plaats te houden. Lijmen kan ook maar het materiaal is dan later wel moeilijk te verwijderen en te recyclen. Bovendien ademt men tijdens het lijmen in de krappe kruipruimte veel schadelijke dampen in.
  • Bij een betonnen vloer die aan de onderkant vlak is, kunnen de isolatieplaten met plakpennen tegen de vloer bevestigd worden. Met lijm kan ook, maar verwijderen is dan moeilijk en recycling wordt onmogelijk. Bij betonnen vloeren die niet vlak zijn, zijn speciale (al dan niet zelfklevende) pennen nodig. Gaat u lijmen omdat klemmen, nieten of spijkeren niet mogelijk is, gebruik dan liefst een lijm op waterbasis.
  • Het isoleren van een stenen vloer aan de onderkant levert wel energiebesparing op maar geen warme voeten. Steen onttrekt meer warmte aan de voeten dan hout. Een stenen vloer bovenop isoleren voelt wel warm aan aan de voeten. Een zwevende dekvloer op de bestaande vloer biedt warmte- en geluidsisolatie en is zeer geschikt voor lage-temperatuur verwarming (LTV),

Meer informatie

  • Wilt u onafhankelijk advies over maatregelen voor energiebesparing in uw woning? Vraag dan een Maatwerkadvies energiebesparing aan.
  • Ga naar de website www.meermetminder.nlKijk voor adressen van erkende vloer- en bodemisolatiebedrijven op www.venin.nl of bel 0318 547398.
  • Kijk op www.verbouwwijzer.nl/ voor een overzicht van alle keuzemogelijkheden rond een verbouwing.
  • Voor informatie over dampdoorlatend en dampopen isolatiesystemen kunt u terecht bij de Vereniging Vernieuwbare Isolatiematerialen: www.verantwoordisoleren.nl
  • Ziet u op tegen (financieel) gedoe rond energie besparen? Meer Met Minder werkt samen met Milieu Centraal en geeft praktisch advies. www.meermetminder.nl

bullit Naar boven

© Milieu Centraal. Voor overname van informatie zie Copyright.
Een externe toetsingscommissie beoordeelt de informatie van Milieu Centraal op juistheid en volledigheid.
Zie Werkwijze Milieu Centraal.