Alles over energie en milieu in het dagelijks leven

Plagen op kamerplanten

Gezonde kamerplanten hebben niet snel last van plagen. Je voorkomt luizen, spint en andere plaaginsecten door planten de juiste plek te geven en ze goed te verzorgen. Warme, droge radiatorlucht, tocht en felle zon maken planten vatbaar voor ziekten. Geef ze niet te veel water, zodat de potgrond tussentijds kan opdrogen.

luis-blad-shut_3418089-400x300.jpg

Luizen en andere plaaginsecten zuigen aan de plant om voedingsstoffen binnen te krijgen. Ze groeien dankzij de eiwitten uit plantensappen. De kamerplant krijgt hierdoor verkleurde of misvormde bladeren en groeit slecht. Luizen zetten plantensuikers om in ‘honingdauw’, een kleverig goedje dat je snel zult herkennen als vieze plekken op aangetaste planten.

Tips

  • 1

    Zet planten die steeds het slachtoffer zijn van plagen eens op een andere plaats; soms helpt dat.

  • 2

    Helpt niets? Vervang dan de plant.

  • 3

    Maak oude bloempotten goed schoon voordat je er nieuwe planten in zet.

  • 4

    Geef je kamerplanten niet te veel mest, dat maakt ze gevoelig voor ziekten en plagen.

  • 5

    Biologische bestrijding met bijvoorbeeld lieveheersbeestjes is een optie als je veel planten hebt.

Welk insect plaagt jouw planten?

Om de plaag goed te kunnen bestrijden, moet je eerst weten om welk insect het gaat. Hieronder zie je fotootjes met een korte omschrijving van de meest voorkomende plaagbeestjes op kamerplanten. Pak er zo nodig een loep bij om ze op de plant te herkennen.

Bladluis_venkel_wiki-commons-400x300.jpg

Bladluizen zijn groene of groengele beestjes op stengels en bladstelen. Als je jonge blaadjes ziet omkrullen, bladeren geel worden en afvallen, en groeipunten misvormd zijn, heeft jouw plant waarschijnlijk bladluizen.

Dopluizen herken je aan de groene of bruine ‘dopjes’ (hun bolle schild) op bladstelen of langs bladnerven. Ze scheiden veel honingdauw uit. De plant groeit slecht, verkleurt en haar bladeren vallen af.

Wolluizen doen hun naam eer aan: het zijn kleverige, wolachtige pluisjes langs stengels en nerven of in bladoksels. Ook deze luizen produceren honingdauw, misvormde en vergeelde bladeren. Bloemen en vruchten raken vaak ook beschadigd.

Schildluizen vormen dichte wasachtige korsten op de stam, de stengel en aan de onderkant van bladeren. Ze lijken op wolluizen, maar scheiden geen honingdauw af. Bladeren en vruchten krijgen gele, rode of bruine vlekken.

Tripsen misvormen jonge scheuten, bloemknoppen en bloemen. Ze zitten in groepjes op de bovenkant van het blad, waar je ze herkent aan hun langwerpige vorm en strepen. Hun larven zijn een beetje doorzichtig en leven juist aan de onderkant van het blad. Je plant heeft mogelijk tripsen als haar bladeren verdrogen en vlekken krijgen. 

witte_vlieg_wiki-commons-400x300.jpg

Witte vlieg vind je vooral op planten met dunne bladeren, zoals kruidenplanten of fuchsia’s. Deze plaaginsecten zorgen voor omkrullende en misvormde bladeren en vormen honingdauw. De kleine, helderwitte vliegjes vliegen op als je de plant aanraakt.

Varenrouwmuggen komen af op natte potgrond. Je ziet de zwarte vliegjes boven de potgrond of in de kamer vliegen. Als je de grond goed laat uitdrogen, kun je van de muggen afkomen.

Spintmijten herken je aan het fijne spinsel aan de onderkant van een blad. Oude bladeren van planten die last hebben van spint krijgen lichtgroene tot gele vlekken. Erg droge lucht trekt spintmijten aan. Warm weer en tocht kunnen planten extra gevoelig maken voor spint. Regelmatig besproeien met water (ook de onderkant van de bladeren), helpt om spint te voorkomen.

Voorkom zieke kamerplanten

Als je een plaag voorkomt, hoef je die ook niet te bestrijden. Een paar tips om zieke en aangetaste kamerplanten te voorkomen:

  • Controleer je planten regelmatig op plaaginsecten.
  • Maak oude bloempotten voor gebruik eerst goed schoon.
  • Plaats horren, zodat trips en witte vlieg niet naar binnen kunnen vliegen.
  • Zet de plant niet tegen de radiator aan en draai de thermostaat ’s nachts laag.
  • Tegen spint en trips: vermijd felle zon en tocht.
  • Laat de potgrond tussen gietbeurten door oppervlakkig uitdrogen.
  • Bemest de planten niet te veel.
  • Tegen spint: besproei planten regelmatig met water, ook de onderkant van de bladeren.

Te zwak? Vervang de plant

Wolluis_cactus_wikipedia_commons-400x300.jpg

Vaak zijn de plaaginsecten een teken dat je plant verzwakt is of niet op de goede plaats staat. Is telkens dezelfde plant het slachtoffer van plaaginsecten en helpt verhuizen niet? Dan kun je de plant beter vervangen door een andere.

Droge verwarmingslucht maakt kwetsbaar

Kamerplanten kunnen ook last hebben van een te droge verwarmingslucht; ze worden dan kwetsbaarder voor plantenziekten. Controleer nieuwe planten goed op plagen en zet planten waarover je twijfelt eerst een paar weken in een andere ruimte. Of buiten, als het niet te koud is.

Milieuvriendelijke bestrijding

Plagen kun je vaak milieuvriendelijk bestrijden. De meeste plaaginsecten verdwijnen al als je de plant afspoelt onder een lauwe douche of onder water dompelt. Vastplakkende luizen kun je van de plant afwrijven.

Aangetaste delen in de gft-bak

Als het niet te koud is, kun je aangetaste planten enkele weken buiten zetten op een beschutte en schaduwrijke plaats: veel plaaginsecten kunnen slecht tegen koelte en vocht. Zorg ervoor dat de plaag zich niet verspreidt door aangetaste delen af te knippen en in de gft-bak te gooien.

Huismiddeltjes 

Helpt dit niet, dan kun je een beproefd huismiddeltje inzetten. Meng 20 ml keukenolie met 1 theelepel natuurlijke vloeibare zeep en 2,5 dl water. Schudt dit goed, vul aan tot 2 liter water en schudt nogmaals stevig. Bespuit de planten wekelijks overvloedig tot de plaag is verdwenen. Alternatieven zijn plantenaftreksels van vlier, brandnetels, ui of kamille, waaraan je een eetlepel groene zeep toevoegt.

Koop lieveheersbeestjes

Als je een kamer of een serre vol planten heeft, kun je de natuurlijke vijanden van plaaginsecten inschakelen. Lieveheersbeestjes en sluipwespen eten graag luizen; ze zijn te koop via bestelkaarten in grote tuincentra of via internet.

Chemische bestrijdingsmiddelen

Tegen plagen zijn verschillende chemische middelen te koop. Koop alleen middelen met een toelatingsnummer (dat ziet eruit als een van deze voorbeelden: 12345 N, NL 01234567890 of EU 01234567890). Volg bij gebruik nauwgezet de aanwijzingen op de verpakking en lever restanten in bij het Klein Chemisch Afval.

Terug naar boven