Alles over energie en milieu in het dagelijks leven

Groente en fruit

Sperziebonen in november en frambozen in januari: het kost veel energie om groenten buiten het seizoen naar Nederland te brengen, vooral als ze met het vliegtuig komen. Maar dat zie je niet aan het product. Hoe weet je welke milieu-impact groente en fruit hebben? De Groente- en fruitkalender helpt je om bewust te kiezen.

groente-en-fruitkalender-2012.jpg

Het verbouwen van groente en fruit, de verpakking en het vervoer: het kost allemaal veel energie. Die energie komt vooral van fossiele brandstoffen (olie, kolen, gas), wat zorgt voor broeikasgassen en klimaatverandering. Bovendien is er ruimte nodig voor de landbouwgrond: ruimte die soms ten koste gaat van de natuur.

Groente- en fruitkalender

Hoe milieuvriendelijk is de groente of het fruit dat jij wilt kopen? Zoek het op met de Groente- en fruitkalender!

Check je groente en fruit!

Tips groente en fruit kiezen

  • 1

    Gebruik de Groente- en fruitkalender om milieuvriendelijke groente en fruit uit te zoeken. Groente en fruit met milieuklasse A en B zijn een goede keuze.

  • 2

    Zet de app op je iphone of android en check je groente en fruit voortaan in de winkel!

  • 3

    De milieuklasse verschilt per maand en per land van herkomst. Het land van herkomst vind je op de verpakking of schapkaart in de winkel.

  • 4

    Groente van de volle grond is meestal beter voor het milieu dan groente uit een verwarmde kas. Uitzondering: als de kas verwarmd wordt met duurzame warmte, is er weinig verschil.

  • 5

    Vervoer zorgt voor een groot deel van de milieu-impact. Als vuistregel geldt dat groente en fruit die met de boot of vrachtauto naar Nederland komen, minder milieu-impact hebben dan producten die met het vliegtuig komen.

  • 6

    Biologische producten zijn altijd geteeld zonder kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen. Toch kunnen ze een hoge milieubelasting hebben: als ze per vliegtuig zijn vervoerd, of zijn geteeld in een verwarmde kas.

Milieuklassen in de groente- en fruitkalender

Elke groente- en fruitsoort in de kalender heeft een milieuklasse (A tot en met E). Daaraan kun je zien hoe milieuvriendelijk een bepaalde groente of fruit soort is, ten opzichte van andere soorten. Klasse A is het milieuvriendelijkst, klasse E het minst.

De volgende factoren bepalen de milieuklasse: de klimaatimpact van de teelt, het vervoer en de verpakking, het opraken van fossiele brandstoffen, en landgebruik.

Milieuklasse A

De milieuvriendelijkste producten vallen in milieuklasse A. Het zijn veel groente en fruit van Nederlandse akkers. Verder vallen in milieuklasse A: bijna de helft van de akkerproducten uit andere Europese landen die met de vrachtauto naar Nederland komen, en een derde van de producten die per schip binnenkomen.

Milieuklasse B

In milieuklasse B vallen enkele Nederlandse en Europese akkerproducten met een lagere opbrengst per hectare. En producten uit Spaanse kassen met bijverwarming, zoals tomaat, bloemkool, broccoli en meloen. Ook in milieuklasse B vallen Nederlandse producten afkomstig uit energiezuinig verwarmde kassen (warmte-krachtkoppeling) en met een hoge opbrengst per hectare. Het gaat dan om vleestomaten, trostomaten, ronde tomaten en komkommer. Tot slot vallen ook veel producten die per schip zijn vervoerd in deze milieuklasse.

Milieuklasse C

In milieuklasse C zitten producten uit Nederlandse energiezuinig verwarmde kassen (warmte-krachtkoppeling, WKK) met een lagere opbrengst per hectare, en kasproducten uit kassen zonder WKK. Ook kwetsbaar fruit uit Nederland of elders uit Europa, dat in kleine hoeveelheden verpakt wordt met veel hard plastic (bramen, frambozen en aardbeien) valt in deze milieuklasse.

Milieuklasse D

Importproducten die over korte afstanden door de lucht vervoerd worden (maximale afstand: Midden Oosten) vallen in milieuklasse D. Net als producten met een ongunstige combinatie van een lage opbrengst per hectare, gebruik van potgrond, kasproducten zonder warmte-kracht koppeling en/of veel verpakkingsmateriaal.

Milieuklasse E

In milieuklasse E vallen producten die van ver zijn ingevlogen (Zuid- en Midden-Amerika, Zuid-Oost-Azië en Nieuw-Zeeland). Verder zitten in klasse E producten met een ongunstige combinatie van lage opbrengst per hectare, gebruik van potgrond, geen warmte-kracht koppeling in de kasteelt en/of veel verpakkingsmateriaal.

Milieubelasting groente en fruit

Groente en fruit hebben 2 grote gevolgen voor het milieu. De ene is klimaatbelasting, veroorzaakt door broeikasgassen die vrijkomen bij gebruik van fossiele brandstoffen (olie, kolen, gas). Dat gebeurt bij de verbouw, het vervoer, eventuele verpakking en als er potgrond gebruik wordt. Ook als natuurgebied wordt omgezet in landbouwgrond komt er broeikasgas vrij, dat opgeslagen zat in de begroeiing.

Het tweede grote milieugevolg van groente- en fruitproductie komt door gebruik van landbouwgrond. Landbouwgrond is schaars. Door een groeiende wereldbevolking en welvaartsniveau wordt steeds meer natuurgebied omgezet in landbouwgrond, waarbij diversiteit aan planten en dieren verloren gaat. Teelt die maar weinig kilo’s groente of fruit per hectare oplevert, is daarom belastender voor het milieu.

Soms heeft de teelt van groente en fruit nog meer gevolgen voor het milieu, bijvoorbeeld door het gebruik van veel water (zeker in landen waar water schaars is) of bestrijdingsmiddelen. De Groente- en fruitkalender houdt hier nu nog geen rekening mee, omdat hierover – vooral bij de buitenlandse productie - onvoldoende informatie bekend is.

Biologisch: niet per se milieuvriendelijker

Biologische teelt is deels beter voor het milieu: het zorgt voor meer biodiversiteit op de akker, en gebruikt minder schadelijk landbouwgif. Maar er is meer land nodig om eenzelfde hoeveelheid producten te krijgen. Verder schelen biologische en gewone teelt niet veel in energiegebruik.

Het is dus niet juist om te zeggen dat biologische producten op alle fronten milieuvriendelijker zijn. Daarom maakt de Groente- en fruitkalender hier geen onderscheid in.

Energieverbruik: klimaatbelasting

Hoeveel energie uit fossiele brandstoffen er nodig is voor de teelt, het vervoer en de verpakking van een kilo groente of fruit, verschilt per soort en seizoen, en daarmee ook de klimaatbelasting ervan.

Teelt

Teelt in de verwarmde kas kost meer energie dan teelt op de zogeheten vollegrond (buiten op de akker), doordat de kas warmte en licht nodig heeft. Kasteelt veroorzaakt daardoor meer uitstoot van CO2 per kilo product. Zo'n 10 procent van al het Nederlandse gasverbruik gaat naar de verwarming van kassen.

De Nederlandse glastuinbouw is bezig met energiebesparing. Bijvoorbeeld door warmte-krachtkoppeling (WKK) te gebruiken: die techniek maakt efficiënter warmte en elektriciteit uit aardgas waardoor er minder aardgas gebruikt wordt. WKK in de glastuinbouw zorgt ervoor dat producten als tomaten en komkommers in een betere milieuklasse terechtkomen. Ronde tomaat die bijvoorbeeld geteeld is zonder WKK zou in klasse C komen. Maar omdat 90 procent van de Nederlandse kassen met WKK werkt, komt deze nu in klasse B.

Vervoer: vliegtuig hoogste klimaatbelasting, dan schip en vrachtwagen

vrachtschip-282x212.jpg

Bederfelijke en kwetsbare producten van een ander continent (asperges, zacht fruit) komen vaak per vliegtuig naar Nederland. Dat veroorzaakt veel uitstoot van broeikasgassen. Vervoer per schip is veel klimaatvriendelijker omdat het per kilo product maar weinig energie vereist. Daardoor belanden milieuvriendelijk geteelde groente en fruit die helemaal uit Zuid-Amerika per schip naar Nederland komen toch in milieuklasse A. De klimaatbelasting van vervoer per vrachtwagen zit tussen die van het vliegtuig en het schip in.

Verpakking

Het maken van verpakkingen kost energie en zorgt daarmee voor klimaatbelasting. Maar een verpakking kan ook milieuvoordeel hebben: het beschermt producten tegen beschadiging en bederf en voorkomt zo voedselverspilling. Gemiddeld draagt een verpakking ruim 10 procent bij aan de milieubelasting van een verpakt product. Bij kwetsbaar fruit dat in kleine hoeveelheden (150 of 250 gram) in plastic bakjes verpakt wordt (zoals frambozen of bramen) ligt dat aandeel veel hoger: de verpakking beslaat daarbij een groot deel van de totale milieubelasting.

Teelt op potgrond: hoge CO2-uitstoot

aardbeien kas - teelt potgrond 282x212.jpg

Producten die geteeld zijn op potgrond, zoals aardbeien, hebben een hoge uitstoot aan CO2. Dat komt doordat potgrond voor een groot deel uit veen bestaat: in veen ligt koolstof opgeslagen dat bij gebruik van het veen vrijkomt als het broeikasgas CO2.

Landgebruik: zuinig is beter

Voor de teelt van tropische producten wordt vaak (vooral in Zuid-Amerika) natuurgebied omgezet in landbouwgrond. Aangezien in de natuur meer planten- en dierensoorten leven dan op een akker, zorgt deze omzetting tot verlies van biodiversiteit. Ook komen hierbij broeikasgassen vrij die lagen opgeslagen in de bomen en andere planten. De Groente- en fruitkalender neemt dit aspect van klimaatbelasting mee; het speelt een rol bij onder meer peultjes uit Peru en sperziebonen uit Senegal.

Schaarste

Als voor de productie van een groente- of fruitsoort erg veel land nodig is, heeft dat ook negatieve gevolgen voor het milieu. Vruchtbare landbouwgrond wordt wereldwijd steeds schaarser: er moeten steeds meer monden gevoed worden en er is steeds meer grond nodig voor de teelt van veevoer, biobrandstoffen en producten zoals hout en katoen. Als landbouwgrond opraakt, wordt natuurgebied omgezet naar landbouwgrond.

Daarom is het belangrijk dat er per hectare zoveel mogelijk product geteeld wordt (hoge opbrengst per hectare). In Westerse landen is de opbrengst per hectare door betere landbouwtechnieken en voldoende water en meststoffen vaak hoger dan in ontwikkelingslanden.

Meer informatie

  • Milieubewust eten kan op vele manieren. Zie alle tips op een rij onder Voeding.
  • Bij het Voedingscentrum kun je terecht voor informatie over voedingswaarde, gezondheid, bewaren en bereiden van voedsel, hygiëne en voedselveiligheid.  
  • Bij het GroentenFruit Bureau vind je alles over groente en fruit.
Terug naar boven