Alles over energie en milieu in het dagelijks leven

Wat is het broeikaseffect?

Van nature komen er broeikasgassen zoals CO2 voor in de atmosfeer. Dat is maar goed ook, want anders zou het op aarde veel kouder zijn. Broeikasgassen zorgen ervoor dat de warmte van de zon wordt vastgehouden.

wereldbol-mannetjes-shut_3363372.jpg


Zonder broeikasgassen zou het hier gemiddeld -18 graden Celsius zijn. Door de broeikasgassen is het gemiddeld 15 graden Celsius. Daardoor is het leven op aarde zoals we dat nu kennen, mogelijk.

De aarde warmt op

De laatste 250 jaar zijn er veel meer broeikasgassen in de atmosfeer gekomen. Die houden extra warmte vast, waardoor sinds 140 jaar de temperatuur stijgt. Wetenschappers noemen dit het ‘versterkte broeikaseffect’. De meeste mensen hebben het gewoon over ‘het broeikaseffect’ als ze over de opwarming van de aarde praten. Maar eigenlijk bedoelen ze dan het extra broeikaseffect.

Opwarming aarde vooral door de mens

De mens is de belangrijkste oorzaak van de opwarming van de aarde. Sinds de industriële revolutie stoten we steeds meer broeikasgassen uit. We gebruiken fossiele brandstoffen (olie, kolen en gas) in fabrieken, energiecentrales, om ons huis te verwarmen en voor vervoer. We kappen op grote schaal bossen waarbij CO2 vrijkomt. En we houden steeds meer koeien, schapen en geiten voor vlees en zuivel. Door al deze activiteiten zit er nu 40 procent meer CO2 in de lucht dan 250 jaar geleden.

Is het een probleem?

Door de opwarming van de aarde verandert ons klimaat. Dat heeft allerlei gevolgen: de zeespiegel stijgt bijvoorbeeld, het weer wordt extremer (hevige regenbuien, meer hittegolven), en sommige delen van de aarde worden droger. Op de pagina Klimaatverandering lees je hier meer over.

Welke broeikasgassen zijn er?

De belangrijkste broeikasgassen zijn CO2, methaan (CH4), lachgas en waterdamp. 

CO2 is de afkorting van koolstofdioxide. Het wordt ook wel koolzuurgas genoemd. Het is opgeslagen in fossiele brandstoffen (aardolie, steenkolen, aardgas) en komt weer vrij bij het verbranden. CO2 is ook opgeslagen in bomen en komt weer als het hout verbrand wordt of wegrot. 

Methaan (CH4) komt vooral vrij bij de veeteelt. Koeien, schapen en geiten produceren methaan bij het verteren van voedsel. Die methaan komt via hun adem en winden in de lucht. Verder komt er methaan vrij bij het verbouwen van rijst en uit afvalstortplaatsen. Methaan is een sterker broeikasgas dan CO2: 1 kilo methaan heeft hetzelfde effect als 28 kilo CO2.

Lachgas (N2O, distikstofoxide) komt vooral vrij uit grond die bemest is met kunstmest of dierlijke mest. Lachgas is een zeer sterk broeikasgas: 1 kilo lachgas heeft hetzelfde effect als 265 kilo CO2.

Waterdamp is ook een broeikasgas. Door de opwarming van de aarde wordt de lucht warmer, en warme lucht kan meer waterdamp bevatten. Die waterdamp zorgt, omdat het een broeikasgas is, voor meer opwarming waardoor de lucht nog meer waterdamp kan bevatten. Zo versterkt het broeikaseffect van waterdamp zichzelf.

Andere broeikasgassen zijn fluorgassen (HFK’s, PFK’s) in onder andere spuitbussen, airco’s en koelkasten.

CO2 is het belangrijkste broeikasgas

Van alle broeikasgassen die de mens uitstoot, is CO2 het belangrijkst. Ruim de helft van het versterkte broeikaseffect wordt veroorzaakt door CO2. Methaan staat met 16% op de tweede plaats. Waterdamp is ook een belangrijk broeikasgas, maar de mens brengt dit niet zelf in de lucht.

Zelf broeikaseffect beïnvloeden

Wat kun je zelf doen tegen het broeikaseffect?

  • Met de Klimaatklappers krijg je inzicht in klappers waarmee jij CO2-uitstoot kunt besparen.
  • Op Klimaatcompensatie lees je hoe je de uitstoot die je niet kunt vermijden, kunt compenseren.

 

 

Terug naar boven