Lage temperatuur verwarming

Kind speelt met speelgoedtrein naast radiator.
Doe mee met de 50-gradentest Krijgt jouw huis het warm van 50 graden? Doe mee aan de test en ontdek het zelf. Lees meer
Wil je jouw huis verwarmen met een warmtepomp? Of komt er straks een warmtenet met lage temperatuur? Dan moet je zorgen dat de radiatoren, vloerverwarming of wandverwarming 'groot genoeg' zijn om je huis lekker warm te krijgen. Milieu Centraal legt uit wat daarvoor nodig is. Dat is soms helemaal niet zo veel.

De meeste huizen in Nederland hebben nog een cv-ketel en radiatoren. De cv-ketel warmt het water dat naar de radiatoren gaat op tot zo’n 70 à 80 graden. In huizen die niet zo goed geïsoleerd zijn, is die hoge watertemperatuur nodig om het huis op koude dagen warm te krijgen. Maar een goed geïsoleerd huis kun je ook warm krijgen met een watertemperatuur van zo’n 35 tot 55 graden: de temperatuur die een warmtepomp levert.

Jouw verwarming (het afgiftesysteem) moet dan wel voldoende warmte kunnen afgeven. Dat kan als het een groot oppervlak heeft. Vloer- of wandverwarming zijn hiervoor gemaakt, maar ook je huidige radiatoren kunnen geschikt zijn of worden gemaakt. Er zijn ook radiatoren of convectoren die speciaal ontworpen zijn voor lage temperatuur. Een afgiftesysteem dat geschikt is voor lage temperatuur, noemen we lagetemperatuurverwarming (ltv).

Tips voor de verwarming

01

Zorg dat je huis goed geïsoleerd is, anders krijg je het niet warm met een lage watertemperatuur. De combinatie van (zeer) goede dak- en vloerisolatie, overal HR++ glas en spouwmuurisolatie is vaak goed genoeg. Zit op een plek nog geen isolatie? Breng die dan eerst aan. Lees wanneer jouw huis geschikt is.

02

Wil je weten of jouw radiatoren of vloerverwarming voldoende warmte kunnen afgeven? Zet de temperatuur van je cv-ketel op 50 graden kijk of het ‘s ochtends snel genoeg opwarmt in huis, ook na een koude nacht. Wordt het niet (snel genoeg) warm? Dan moet je beter isoleren, óf je afgiftesysteem (bijvoorbeeld je radiatoren) verbeteren. Lees meer over de check.

03

Is jouw huis vóór 1992 gebouwd en daarna alsnog goed geïsoleerd? Dan kan je jouw huis misschien al goed warm krijgen met de radiatoren die er nu staan. Je kunt de warmteafgifte nog verbeteren met radiator-ventilatoren.

04

Als je met een lage temperatuur verwarmt, kun je je huis het beste op een constante temperatuur houden. Zet de verwarming ’s nachts hooguit 1 of 2 graden lager. Als het huis goed geïsoleerd is, kost dat weinig energie. Bovendien werkt een warmtepomp dan efficiënter.

05

Vloerverwarming is gemaakt om met een lage watertemperatuur (tot zo’n 40 graden) te verwarmen. Ga je de vloer vervangen? Overweeg om meteen vloerverwarming aan te leggen. Maar neem géén elektrische vloerverwarming: die is juist erg onzuinig.

Laat je inspireren!

Zelf radiatoren en vloerverwarming bekijken, en ontdekken wat er verder allemaal kan in huis? Bezoek op 12 - 14 november ons Duurzaam Droomhuis en laat je inspireren.

Stel op bank in comfortabel huis. Van zonnepanelen tot inductie kookplaat: kom ontdekken en ervaren in ons Duurzaam Droomhuis. 12 - 14 november 2021 in de Expo Haarlemmermeer. Ontvang 7,50 euro korting met de code 21HEMILIEUCENTRAAL.

Stap naar aardgasvrij huis

Lage temperatuurverwarming is een stap om je huis aardgasvrij te maken, bijvoorbeeld met een warmtepomp of een warmtenet met lage temperatuur. Het heeft bovendien een paar voordelen: je huis is gelijkmatiger warm en de lucht in huis is gezonder. Doordat de verwarming minder heet wordt, heb je geen last van stofschroei. En er zweeft minder stof rond doordat er minder luchtstromen (convectie) zijn.

Stap 1 is goede isolatie, het dichtmaken van naden en kieren en het verbeteren van de ventilatie. Zonder goede isolatie lukt het niet om het huis met een lage temperatuur warm te krijgen. Naden en kieren moeten dicht om tocht tegen te gaan. En goede ventilatie is noodzakelijk voor gezonde lucht in huis.

Stap 2 is checken of je jouw huis met een lagere watertemperatuur warm kunt krijgen. Lukt dat niet, dan moet je de verwarming aanpassen of uitbreiden. Dat kan bijvoorbeeld met radiatorventilatoren, een extra radiator, grotere radiatoren of vloerverwarming.

Stap 3 is de warmtepomp laten installeren of het aansluiten op het lagetemperatuur-warmtenet (als dat in jouw wijk komt).

Hoe werkt het?

Lage temperatuurverwarming is eigenlijk niets anders dan gewone verwarming: je verwarmt je huis net als anders met radiatoren, convectoren of vloerverwarming (eventueel wandverwarming). Alleen is de temperatuur van het water dat door je radiatoren of verwarming stroomt lager dan je gewend bent. Door de lagere temperatuur heeft het systeem een groter oppervlak nodig om toch voldoende warmte af te kunnen geven. Vloerverwarming en wandverwarming zijn daarvoor ‘gemaakt’, maar ook convectoren of radiatoren kunnen prima voldoen. Je kunt vloer- en wandverwarming ook combineren met radiatoren en convectoren.

Is jouw isolatie al voldoende?

Voor lagetemperatuurverwarming moet je overal íéts van isolatie hebben en gemiddeld moet de isolatie goed zijn.

Wat is goede isolatie?

Bij oudere woningen die na de bouw (beter) worden geïsoleerd, zorgt deze combinatie voor ‘gemiddeld goede isolatie’:

  • (zeer) goede dakisolatie: 8 tot 10 cm is goed, 13 cm of meer is zeer goed.
  • (zeer) goede vloerisolatie: 8 tot 10 cm of thermoskussens is goed, 13 cm of meer is zeer goed.
  • spouwmuurisolatie (als die na de bouw is aangebracht, is die matig).
  • HR++ glas in de ramen: gewoon dubbel glas is matig, HR++ glas of triple glas is goed of zeer goed.

Vuistregel

  • Is je huis in 2000 of later gebouwd? Dan is de isolatie goed.
  • Huizen die vanaf 2010 zijn gebouwd, zijn zéér goed geïsoleerd.
  • Is je huis eerder gebouwd? Dan moet je kijken wat voor isolatie er later is aangebracht. Hier vind je tips om de isolatie te checken.
Radiator met lamellen en platen. Meer lamellen geven meer warmte.

Hebben je radiatoren genoeg vermogen?

Check je radiatoren. Hebben ze 2 of 3 platen met lamellen ertussen (lamellen zijn dunne gebogen platen)? Dan kunnen ze behoorlijk veel warmte afgeven. Je kunt de warmteafgifte (het vermogen of de capaciteit) nog verbeteren met een radiator-ventilator.

Heb je radiatoren zónder lamellen, of 1 plaat met lamellen? Die kun je vervangen door een dikkere radiator met meer platen of lamellen. De hoogte en breedte kan hetzelfde blijven, zodat hij op dezelfde plek past (bijvoorbeeld onder het raam).

Check: zet cv-ketel op 50 graden

Remeha Avanta Stap3
1. Zet op 50 graden

Zet de temperatuur van de cv-ketel in de winter op 50 graden. En zet de thermostaat ’s nachts 1 of 2 graden lager dan overdag.

Man en kinderen zitten er binnen warmpjes bij. Alles over isoleren.
2. Check het comfort

Kijk of het ’s ochtends snel genoeg warm wordt en of het overdag lekker warm blijft in huis.

Man Bij Thermostaat
3. Ook in koude nacht

Doe de check ook in een nacht waarin het hard gaat vriezen (-10 graden of kouder). Is het ’s ochtends nog warm genoeg in huis en warmte je huis goed op? Dan is je huis klaar om met een lage temperatuur te verwarmen.

Man met kinderen onder deken op bank. Met een deken verwarm je energiezuinig.
4. Niet comfortabel?

Is het niet comfortabel genoeg of duurt het opwarmen erg lang? Dan kunnen je radiatoren of vloerverwarming het niet aan. Verbeter de warmteafgifte of breng meer isolatie aan.

Meedoen met de 50-graden test

Is jouw huis klaar voor verwarmen op 50 graden? Je ontdekt het met de 50-gradentest. Als het koud wordt, zet je de cv-ketel 2 weken lang op 50 graden. Je merkt dan vanzelf of het nog lekker warm en comfortabel blijft in huis. Meld je aan voor de test en je krijgt van Milieu Centraal een seintje wanneer het koud genoeg is om de test te doen.

Meld je aan voor de test

Radiatoren, vloerverwarming, wandverwarming

Hoe maak je je verwarming geschikt voor lage temperatuur? Er zijn een paar makkelijke en goedkope dingen die je kan doen, en een paar meer ingrijpende maatregelen.

Radiator of convector stofvrij maken

Als er stof in de radiator of convector zit, kan de lucht minder goed doorstromen. Schoonmaken is een simpele manier om de warmteafgifte te verbeteren. Hiervoor kun je een radiatorborstel gebruiken. Het is helaas niet bekend hoeveel dit scheelt. Maar schoonmaken is sowieso goed voor gezonde lucht in huis (minder stof).

Radiatorventilator plaatsen

Een radiatorventilator (ook wel radiatorbooster) zorgt ervoor dat er meer lucht langs de radiator stroomt. Die geeft daardoor meer warmte af die ook nog eens sneller verspreid wordt. Anders gezegd: het vermogen neemt toe. Een radiatorventilator is een apparaatje dat je meestal met magneten aan de onderkant van de radiator ‘plakt’, tussen 2 platen in. Er zit een stekker aan die je in het stopcontact steekt. Als de radiator warm wordt, gaan de ventilatoren vanzelf draaien. Koelt de radiator af, dan gaat de ventilator weer uit. Het is een simpele en goedkope manier om de warmteafgifte van je bestaande radiatoren te vergroten. Het effect van de ventilator is het grootst bij een lage watertemperatuur: bij een watertemperatuur van 37 graden kan het afgiftevermogen met zo’n 65% toenemen, bij 55 graden met zo’n 50%.

Om de radiatorventilator te gebruiken moet je een plaatradiator met 2 of 3 platen hebben, liefst met lamellen ertussen. Een stopcontact in de buurt van de radiator is handig, anders heb je een verlengsnoer nodig. Een radiatorventilator kost vanaf € 37 per stuk tot € 200 per meter. Sommige kunnen op maat gemaakt worden. Je kunt ze ook gebruiken bij een convector: dan zet je ze op of onder de convector.

Maakt een radiatorventilator geluid?

Een radiatorventilator maakt een beetje geluid als de ventilator draait. Volgens de leveranciers is dit minder dan 20 of 24 dB. Dat is ongeveer vergelijkbaar met ruisende boombladeren. Of je daar last van hebt, is heel persoonlijk. Het hangt ook af van andere geluiden in de omgeving. Ben je bang voor geluidoverlast, dan kun je bij iemand gaan luisteren die er een heeft, of er eerst een thuis uitproberen. Als de verwarming uit is (de radiator is koud of lauw), draait de ventilator niet.

Radiator of convector vervangen of bijplaatsen

Je kunt de warmteafgifte ook vergroten door 1 of meer radiatoren te vervangen, of er eentje bij te plaatsen. Hoe meer platen de radiator heeft, hoe meer warmte hij kan afgeven.

Plaatradiator

Een plaatradiator heeft 1, 2 of 3 platen waar water door stroomt. Vaak zitten er tegen elke plaat lamellen (dunne golvende platen) die zorgen dat ze meer warmte afgeven. Hoe meer platen en lamellen, hoe meer warmte de radiator kan afgeven. Een radiator met 2 of 3 platen én lamellen op elke plaat, geeft bij lage temperatuur veel warmte af.

Er zijn ook radiatoren die speciaal ontworpen zijn voor verwarmen met lage temperatuur (LT-radiator). Deze laten bijvoorbeeld het warme water eerst via de voorplaat lopen, zodat er zoveel mogelijk stralingswarmte van de radiator komt.

Radiatortype Aantal platen en lamellen Vermogen in Watt*
11 1 plaat met lamellen 850 Watt
21 2 platen met op één plaat lamellen 1200 Watt
22 2 platen, allebei met lamellen 1450 Watt
33 3 platen, alledrie met lamellen 2200 Watt

Uitleg

Radiator van 100 cm breed en 50 cm hoog, watertemperatuur ingaand 75°C, uitgaand 65°C, kamertemperatuur 20°C.

Twee soorten radiator

Radiator met lamellen en platen. Meer lamellen geven meer warmte.
Plaatradiator
Ouderwetse radiator met voeten. Ouderwetse radiator moet lang opwarmen.
Ouderwetse radiator

Ouderwetse radiator

Een ouderwetse radiator met dikke, dwarsstaande platen ('ledenradiator') bevat heel veel water en is heel zwaar. Hij heeft weinig vermogen en veel gewicht dat eerst opgewarmd moet worden. Zo'n radiator is minder geschikt om met lage temperatuur te verwarmen.

Convector

Een convector is een speciaal soort radiator met veel lamellen en weinig watervolume. Daardoor warmt hij heel snel op. Een convector kan aan de muur hangen, op pootjes op de vloer staan of in een gleuf in de vloer staan (een convectorput). Een convector heeft meestal meer vermogen dan een radiator van dezelfde grootte. Sommige convectoren hebben een ingebouwde ventilator waardoor ze nog meer warmte kunnen afgeven. Ze zijn zeer geschikt om met lage temperatuur te verwarmen, omdat ze snel warmte leveren. Ze worden ook wel low H2O-radiator of HR-radiator genoemd. Een nadeel kan zijn dat ze bijna geen stralingswarmte geven: dat voelt soms minder comfortabel.

Foto's van convectoren

Waterzijdig inregelen of cv-tuning

Met cv-tuning (ook wel: waterzijdig inregelen) verdeel je de warmte beter over het huis. Ook thermostaatkranen kunnen daarbij helpen.

Vloerverwarming aanleggen en gebruiken

Vloerverwarming heeft een groot oppervlak, waardoor het heel geschikt is om met een lage watertemperatuur te verwarmen. Bij vloerverwarming liggen er lange leidingen in de vloer waar het verwarmingswater doorheen stroomt. Hoe dichter bij elkaar, hoe meer warmte de vloerverwarming kan afgeven. Veel mensen vinden vloerverwarming prettig: het geeft een constante temperatuur, de stralingswarmte voelt lekker aan en je hebt minder last van rondzwevend stof (wat fijn is als je last hebt van je longen of luchtwegen). Verder heb je geen (of minder grote) radiatoren nodig.

Er zijn ook nadelen: het is vrij duur om aan te leggen, je kunt het niet met elke vloerbedekking combineren en sommige systemen warmen traag op. In een bestaand huis kan het zijn dat de vloer hoger wordt, waardoor je de plinten en deuren moet aanpassen. In een heel goed geïsoleerd huis kan vloerverwarming bovendien minder comfortabel zijn, omdat de vloer bijna niet warm hoeft te worden om het huis op te warmen. Je mist dan de prettige stralingswarmte.

Let op! Neem géén elektrische vloerverwarming: die is niet zuinig. Dat geldt ook voor infrarood-vloerverwarming.

Elektrische vloerverwarming: niet zuinig!

Elektrische vloerverwarming bestaat uit een mat met elektriciteitsdraden die in de (stenen) vloer wordt verwerkt. Het heeft een paar voordelen: de vloer wordt nauwelijks hoger en het is goedkoop om aan te leggen (bijvoorbeeld als de badkamervloer toch getegeld wordt). Maar het grote nadeel is dat het géén efficiënte manier van verwarmen is: elektrische vloerverwarming gebruikt veel stroom en dat is niet duurzaam. Hetzelfde geldt voor infrarood vloerverwarming: ook dat is niet duurzaam.

Elektrisch verwarmen is alleen duurzaam als het efficiënt (op een energiezuinige manier) gebeurt. Dat geldt ook als de stroom duurzaam is opgewekt (bijvoorbeeld met zonnepanelen): ook dan is het belangrijk om er slim en zuinig mee om te gaan. Lees meer over elektrisch verwarmen.

Een warmtepomp (die het water verwarmt dat door de ‘gewone’ vloerverwarming stroomt) gebruikt ook stroom. Maar een warmtepomp is een heel efficiënt apparaat, waardoor het toch een duurzame manier van verwarmen is. Lees meer over elektrische warmtepompen.

Wandverwarming aanleggen

Wandverwarming werkt net als vloerverwarming: er liggen leidingen in de muur waar warm water doorheen stroomt. De temperatuur van het water kan wat hoger zijn dan bij vloerverwarming, waardoor het vermogen per vierkante meter ook hoger is (de muur geeft meer warmte af, en ook prettige stralingswarmte). Het heeft dezelfde voordelen als vloerverwarming: een prettige constante warmte en gezondere lucht in huis doordat er minder stof rondzweeft. Een nadeel is de trage opwarmtijd. Je kunt bovendien geen kast voor de muur zetten en je moet voorzichtig zijn met spijkers in de muur slaan.

Hoe leg je wandverwarming aan?

Wandverwarming kun je maken met prefab stenen of voorgefreesde gipsvezelplaat waarin leidingen worden gelegd. Daaroverheen komt een stuclaag. Het water dat naar de muur toegaat is maximaal 40 graden, de temperatuur van de muur zelf maximaal 35 graden. Komt de wandverwarming op een muur die je met de buren deelt, dan is het slim isolatie achter de verwarming aan te brengen, anders verwarm je ook het huis van de buren. Op een tussenmuur in je eigen huis kun je de isolatie eventueel weglaten.

Hoe zit het met comfort in huis?

In een goed geïsoleerd huis voelt lage temperatuur verwarming prettig aan: de temperatuur is gelijkmatig, er is minder tocht en je hebt minder last van rondzwevend stof of stofschroei. Veel mensen vinden vloerverwarming dan ook heel prettig en comfortabel.

Maar als je huis slecht geïsoleerd is, is lage temperatuurverwarming geen goed idee: het duurt dan te lang voordat je huis opwarmt. Je zult dan eerst je huis goed moeten isoleren.

Kou bij de ramen?

Het kan ook zijn dat de isolatie op een paar plekken niet voldoende is. Bij de ramen kun je bijvoorbeeld juist meer last van tocht hebben door ‘koudeval’. Koudeval wil zeggen dat de lucht tegen een koud oppervlak (vaak het raam) afkoelt en omlaag zakt. Dat voelt als tocht. Je kunt dit voorkomen door HR++ glas of triple glas in de ramen te zetten en de buitenmuren te isoleren. Lees alles over goede isolatie in een aardgasvrij huis.

Bij ventilatieroosters komt er frisse lucht binnen, die wordt door lage temperatuurverwarming minder goed opgewarmd, en dat kan een gevoel van koude tocht opleveren. Het is geen optie om de roosters dicht te doen: ventileren is in elk huis belangrijk voor gezonde lucht in huis. Goede oplossingen zijn bijvoorbeeld winddrukgeregelde roosters of roosters die de instromende lucht afbuigen. In de woonkamer is een ventilatiebox met warmteterugwinning slim: die warmt de binnenkomende lucht alvast op met de lucht die naar buiten gaat, zodat je geen koude luchtstroom hebt. Lees meer op Slim en energiezuinig ventileren.

Vloerverwarming: soms iets te weinig comfort

In een zeer goed geïsoleerd huis is de temperatuur van het water dat door de vloerverwarming stroomt heel laag. Het kan ook zijn dat de verwarming niet aanslaat omdat de temperatuur in huis al hoog genoeg is. Sommige bewoners missen op die momenten de stralingswarmte van de vloer. Dit kan je oplossen door de thermostaat iets hoger te zetten, zodat de verwarming aan gaat. Een andere oplossing is een infraroodpaneel aan het plafond bij de zithoek. Dit paneel kun je dan zo nu en dan even aanzetten. Allebei kost het natuurlijk extra energie, dus gebruik het alleen als het nodig is.

Warmtepomp en koude dagen

Bij een volledige warmtepomp heb je op heel koude dagen iets extra’s nodig: elektrische naverwarming. Dat komt doordat het vermogen van een warmtepomp meestal wordt afgestemd op een minimumtemperatuur van -10 graden Celsius. Als het kouder is, kan je warmtepomp niet voldoende warmte leveren. Een ‘grotere’ warmtepomp is geen goede oplossing: die is een stuk duurder en kan gaan ‘pendelen’ (steeds kort na elkaar aan- en afslaan). Dat is slecht voor het rendement en voor de levensduur van de warmtepomp. Je zou het kunnen oplossen met een buffervat: een groot voorraadvat met water waarin je het teveel aan warmte tijdelijk opslaat. Vloerverwarming kan ook als buffer gebruikt worden. Voor die paar koude dagen in Nederland wordt meestal ook elektrische naverwarming geïnstalleerd, die bijspringt als het heel koud is. Een infraroodpaneel als bijverwarming kan ook een oplossing zijn.